Terug naar home Home

GLOBEC 2004
POLARSTERN ANT-XXI-4 & 5
- Lazarev Zee, Antarctica, maart-april 2004 &
- terugreis Kaapstad - Bremerhaven, mei-juni 2004

 

Berichten van Jan Andries van Franeker


Jan in z'n 'birdbox' boven op de Polarstern

Greetings from Antarctica!
Even here I wear our fleece hat with SNS symbol (Save the NorthSea), albeit upside down, because in this cold, the normal shape is to small to cover the ears, and I do not want to have those frostbited. I also have to cover nose and cheeks from the cold (see photo of my looks in the "birdbox" on top of our ship Polarstern, from where I do systematic counts of marine birds and mammals). We've been working here down to about minus 20°C. If we repeat the fleeces in the next phase, I beg for a larger (maybe less fashionable, but more practical) size....

best regards, Jan
 
 

Brieven van Jan

Lazarev Zee, Antarctica

Naar eerste brief, 6 april 2004

Naar tweede brief, 15 april 2004

Naar derde brief, 26 april 2004

Terugreis Kaapstad - Bremerhaven

Naar vierde brief, 6-8 mei 2004

Naar vijfde brief, 16 mei 2004

Naar zesde brief, 20 mei 2004

Naar zevende brief, 29 mei 2004


Naar downloads
De weekberichten van Chief scientist Uli Bathmann

Op internet bij www.awi-bremerhaven.de

Of hier te downloaden als word-file:
Eerste weekbericht (duits en engels,33 KB)

Tweede weekbericht (duits, 27 KB)
Tweede weekbericht (engels, 25 KB)

Derde weekbericht (duits, 27 KB)
Derde weekbericht (engels, 26 KB)

Vierde weekbericht (duits, 26 KB)
Vierde weekbericht (engels, 27 KB)

Vijfde weekbericht (duits, 30 KB)
Vijfde weekbericht (engels, 30 KB)

Hier is een kaartje van de terugreis van de Polarstern naar Bremerhaven

      Route Polarstern
Met deze link kan je zien waar de Polarstern zich nu bevindt.


naar begin
Brief 1   Bericht uit Antarctica
6 april 2004, MV Polarstern, 57°Z - 3°W

EERSTE IJSBERGEN, LAATSTE ALBATROSSEN

We zijn al ruim een week op weg naar de zuidelijkste wateren op aarde langs de kust van het koude Antarctica. De winter begint hier op het zuidelijk halfrond in te vallen. Herfststormen teisteren het schip terwijl we van Kaapstad naar het onderzoeksgebied varen. Aan boord van de ijsbreker Polarstern zit een bonte verzameling van 38 onderzoekers uit vele landen. Daaronder bevindt zich het vierkoppig team van ALTERRA-Texel: Hauke Flores, André Meijboom, Michiel van Dorssen en ondergetekende.
Het SUIT-net Het schip is op weg om onderzoek te doen naar de winterstrategie van krill. Krill is een garnaalachtig beestje dat een een belangrijke rol speelt in Antarctische voedselketens. Het is van belang te weten wat het wel en wee van dit diertje bepaalt. Bij het invallen van de winter en onder een dichtvriezende oceaan wordt voedsel schaars. Dat geldt niet alleen voor krill, maar voor alle diersoorten die hier wonen. De Alterra ploeg richt zich op een klein stukje van het hele verhaal. Onze taak is het in kaart brengen van de vogelsoorten, zeehonden en walvissen die hier in de winter blijven, en hoeveel voedsel ze nodig hebben. Veel van dit voedsel komt vermoedelijk van dicht onder het ijs. Daarom gaan we ook met een speciaal ontworpen visnet aan de slag. Met dit net kunnen we niet alleen de bovenste laag van open water bevissen, maar ook de onderkant van stukken zeeijs. Aan dit SUIT net (Surface and Under-Ice Trawl) hebben we lange tijd gewerkt. Helaas was een belangrijke medewerker bij de bouw van het net, Koos Zegers, op een laat moment gedwongen om thuis te blijven. We zullen hem node missen, en weten dat het ook bij hem tot in de tenen kriebelt of het allemaal goed zal lukken.
Aan de onderkant van zeeijs groeien algen die zo ongeveer de enige eetbare waar vormen voor planteneters zoals krill en allerlei ander klein dierlijk leven. Dat trekt weer vis en andere dieren aan. En uiteindelijk leven de vogels en zeezoogdieren van de mix van prooien die door het ijs worden aangetrokken. Onze rol in het onderzoek richt zich op de toppredatoren en hun prooien in de bovenlagen van de oceaan. Andere groepen aan boord kijken in meer detail naar krill of andere organismen, ook in diepere waterlagen of doen experimenten. Met zijn allen proberen we stukjes van de puzzel in te vullen.
Maar het echte werk moet nog beginnen, het is nog anderhalve dag varen tot het eerste onderzoeksstation op 64° Zuid en 6°W. Vandaar zullen we een aantal keren op en neer varen naar de kust van Antarctica (rond 70°Z) en terug. Tijdens dat "grid" zal onderweg een geregeld patroon van onderzoekstations worden gemaakt waar de zee wordt bemonsterd met verschillende netten en andere onderzoeksapparatuur. Ons SUIT-net is nog slechts één keer te water geweest voor een korte proeftrek. Met succes, maar allerlei laatste verbeteringen worden nu doorgevoerd om straks aan de slag te kunnen. De zwaarste test komt natuurlijk pas als we eenmaal onder ijs gaan vissen. De vogeltellingen zijn wel al begonnen en het is weer een genot om pinguïns door het water te zien duikelen, de blaaswolk van walvissen te zien, en de albatrossen en vele soorten stormvogels rond het schip te zien zeilen. Zij hebben met de stormwind en hoge golven beduidend minder moeite dan wij. Sinds gisteren zien we zo af en toe al ijsbergen, en water en luchttemperaturen zijn inmiddels tot onder het nulpunt gedaald. Als het zeewater tot onder de -1.7°C zakt, vriest het dicht. De albatrossen zullen ons daarom wel snel verlaten. Tot in perfectie aangepast aan zeilen over wind en golven, zijn ze niet gebouwd op ijsgebieden.
Gelukkig zien we hier niet veel dat ons herinnert aan 'Save the North Sea', het zwerfvuilproject waar we 'thuis' zo druk mee zijn. Zwerfvuil is hier schaars. We hebben nog geen rommel zien ronddrijven, maar wel hadden we in onze eerste netvangst twee stukken kleiner plastic die je met het blote oog niet ontdekt. Ook de hier rondvliegende vogels hebben ongetwijfeld zo nu en dan dat soort rommel in hun maag. Des te meer reden om in de beschaafde wereld dicht bij huis fanatiek te blijven werken aan het schoonhouden van de zee.

hartelijke groet,
Jan Andries van Franeker
Reuzenalbatros


naar begin
Brief 2   Bericht uit Antarctica
15 april 2004, MV Polarstern, 64°Z - 4°WLogo Globec 2004

DER HOLLÄNDISCHE KAMPFWAGEN

SUIT (Surface and Under-Ice Trawl) is de naam voor ons zwaarwichtige ijsnet. Maar dat blijkt voor velen aan boord van Polarstern een wat te saaie omschrijving. We hebben nog geprobeerd de naam 'Koosmobiel' te introduceren, maar dat deed blijkbaar geen recht aan de roekeloze aanvallen die we op het ongenaakbare zeeijs ondernemen. Geleidelijk aan begint de door de bemanning ingezette omschrijving "der Kampfwagen" ingeburgerd te raken. Inderdaad hebben de ontmoetingen van onze wagen met het zeeijs wel iets weg van de spectaculaire beelden uit Ben Hur films, waarin de strijdkarossen na weer een botsing kriskras over het filmdoek stuiteren. Maar ik loop vooruit op het verhaal. Bij de vorige nieuwsbrief van 6 april was Polarstern nog steeds op weg naar ons onderzoeksgrid waar we tussen 64° en ca 70° Zuid vier transecten zullen maken langs 6°, 4°, 2° en 0° Westerlengte. Afhankelijk van de kustlijn is ieder transect tussen de 600 a 700 km lang, waarvan de zuidelijkste 200 kms met zeeijs zijn bedekt. Gedachte achter SUIT-net

Afgeborreld

Op het noordelijkste station van de eerste poot van ons grid deden we bij daglicht een tweede test van het SUIT net. De eerste proeftrek onderweg was weliswaar goed verlopen, maar om het zware frame makkelijker te kunnen tillen was er door de bemanning veel extra kabelwerk aangebracht. Bovendien is de sleepkabel van Polarstern zwaar en vierden we veel kabel uit. Daardoor waren de drie rode drijvers op het frame slecht te zien, en hadden we niet tijdig in de gaten dat de hele handel naar de diepte werd getrokken! Toen het schip eenmaal vaart had verminderd, wees de netkabel vrijwel recht naar beneden. Onze trots en glorie afgeborreld…. nachtmerrie-scenario één in de praktijk! Na het aan dek takelen bleek het piepschuim binnenwerk van de drijvers uiteraard samengedrukt door de waterdruk op 150m diepte. Water spoot er aan alle kanten uit. De banden van ons karos, het videosysteem en de flitslamp de hadden de onbedoelde diepzeeverkenning wel zonder schade overleefd.
Maar niet getreurd, Michiel en André hebben snel de drijvers afgekoppeld, ze uit laten lekken en zo goed mogelijk dicht gemaakt. Om het verminderd drijfvermogen te compenseren en risico op herhaling uit te sluiten hebben we ook drie extra drijvers gemonteerd. Direct de volgende ochtend keken vele gespannen gezichten naar het uitzetten van het frame bij de volgende proefvaart. En die ging prima. De strijdwagen scheerde keurig uit naar stuurboord en beviste zoals bedoeld de bovenste laag water ruim opzij van het kielzog van Polarstern. Omdat allerlei waterdieren die de prooi van vogels vormen pas 's nachts naar het oppervlak komen hebben we diezelfde avond een "echte" trek gemaakt. Toen bleek ook dat door het flitslicht (bedoeld om beoogde vangst even van schrik te doen "verstijven") ons karos in het donker veel beter te volgen is dan overdag. In de vangst de nodige krill, amphipoden, zeeslakjes, een doorzichtig ijsvisje en een veelheid aan heel klein spul. doorzichtig ijsvisjeHauke toog gelukzalig naar het lab om de zwaar bevochten buit nauwkeurig te registreren.

Stuiter-test

Natuurlijk moest het echte werk toen nog komen: vissen onder het ijs! Het eerste ijsstation in de ijsrand op 68°40' Zuid ging op zich wel netjes, maar door de extra aangebrachte drijfkracht lag de netmonding te hoog. We visten daardoor in hoog tempo zacht appelmoes-ijs in het net. Bij de volgende ijstest waren er grote schotsen van jong vlak ijs. De bedoeling was om Polarstern langs een grote ijsschots te sturen zodat het uitscherende net eronder zou duiken.
Gejuich ging op toen de strijdwagen keurig onder de ijsrand dook en aan het flitslicht was te volgen. Maar helaas, Polarstern kon de grillige ijsrand niet goed volgen, zodat het frame eronderuit kwam en een hele tijd schuin uit het water langs de ijsrand stuiterde en zich volstouwde met kleinere stukken ijs. Nachtmerrie-scenario twee eindigde derhalve weer met de vangst, dwz zeker een ton aan verbrijzeld ijs uit het net te schudden, weg te sjouwen en de schade op te nemen. In mijn nachtmerries over deze stuiter-test was het SUIT frame na afloop verfrommeld tot een zielig hoopje verwrongen staal, maar Michiel's metaal-kunsten zijn boven verwachting. Buiten een iets verbogen wiel-as was er eigenlijk geen schrammetje te zien! Later bleek toch ook een van de banden lek te zijn, met een ingedeukte velg, maar die hebben we in reserve.

IJsbreker

SUIT-net Bij de volgende trek besloten we dus niet meer langs ijs te varen, maar gewoon erdoor. Eerst leek dat een herhaling te worden van de stuitertest, maar dan nu langs de rand van de ijsgeul die Polarstern zelf had gevaren. Maar na enige tijd dook het net begeleid door onze vreugdekreten toch onder het ijs! We konden het aan het flitslicht lange tijd keurig zijn weg zien vervolgen onder het vrij dunne (ca 50 cm) en gladde ijs. Het binnenhalen ging helaas wat minder: het gewicht dat de kabel onder het ijs moet houden werd veel te vroeg opgehesen, waardoor de sleepkabel op ijs kwam te liggen en de Kampfwagen vele tientallen meters als ijsbreker fungeerde, onderweg ruimhartig de zelf gebroken blokken ijs in zijn mond verzamelend. Die gleden er niet goed uit omdat we het ontsnappingsluik vanwege flapperen in de wind nogal kort hadden aangebonden. Dit scenario had ik niet in nachtmerries voorzien, en ook van Dorssen's fameuze metaalwerken bleken er niet geheel tegen opgewassen. Eén van de beugels aan de voorkant was enigzins uitgebogen en de wielas stond weer wat krommer. Toch overheerste een goed gevoel, want het ijsnet had een heel stuk keurig volgens bedoeling onder het ijs gevist. De vangst bestond voornamelijk uit juveniele krill en een mini-inktvisje.

Erop of eronder

Voorzien van een extra kabel in de netmond om verder uitbuigen te voorkomen, en extra gewicht om de sleepkabel omlaag te houden, stonden we de volgende avond weer klaar met de strijdwagen. Op het beoogde station bleek onverwacht zwaar ijs te liggen. Dicht opeengepakte dikke onregelmatige schotsen van zwaar gekruid ijs. Iedereen keek ons aan van "zou je dat nou wel doen", maar wie niet waagt die niet wint en dus werden de zenuwen weggeslikt en het net uitgezet. Uiteindelijk is het systeem ook voor dit soort omstandigheden bedoeld. Aanvankelijk leek het een dramatisch foute beslissing te worden. In het zich snel achter Polarstern sluitende ijs, kwam de kabel weer op ijs te liggen. Omdat de rem op een schuit als Polarstern niet echt vlot werkt, schuurde de Kampfwagen zich een weg tussen de dikke schotsen, om uiteindelijk als in een vertraagde film bovenop een grote schots getrokken te worden. Het leek een laatste trieste blik op ons strijdkaros: in het flauwe schijnsel van Polarstern opgebaard op zijn definitieve graf in de eeuwige ijsvelden…. Maar er vloog blijkbaar een engeltje langs. Polarstern lag nog immer niet stil, en na enige tijd gleed het net rustig van zijn ijsbaar af, scheerde uit en werkte zich soepeltjes onder het ijs! Snel de motoren weer aan en vissen dus. Zonder verdere problemen rolde het net zich onder de ruige schotsen door, zo nu en dan eventjes te zien aan het flitslicht. Het binnenhalen ging nu keurig en ijsschotsen gleden soepel weg door het ontsnappingsluik. De vangst was niet groots (vooral juveniele krill), de wielas nu definitief kromgetrokken met een tweede verbogen velg en lekke band, maar wij waren in ons nopjes, want nu was voor ons bewezen dat 'vissen onder het ijs' ook daadwerkelijk mogelijk is. Voor de bemanning en onszelf is het een stapsgewijs leerproces met vele fouten. De omstandigheden zijn iedere keer weer anders, maar zolang de Koosmobiel herstelbaar blijft zal dat steeds toch een stapje beter gaan!

Dag en nacht werk

Klik voor vergroting Inmiddels hebben we het ijs verlaten. bij een vistrek net buiten de ijsrand botsten we in volle vaart nog wel op een onverwachte band verdwaald zeeijs. Ook die test doorstond de Kampfwagen waardig, met als enig schoonheidsfoutje dat op het laatst een schots bovenop de ijsflap bleef liggen. De zee wordt weer steeds ruiger. Golven en deining van drie tot vijf meter zijn normaal, maar met wat extra drijfvermogen doorstaat SUIT dat zonder problemen. Gisteravond vingen we dikke hoeveelheden krill en ander zooplankton, en een enkele kleine vis. Om onduidelijke reden landden ook vele Antarctische Stormvogels op het dek. Als dat eenmaal gebeurt durven of kunnen ze zelf niet meer wegvliegen. Tot twee uur 's nachts hebben André en ik bij een aantal van dat soort vogels de maag uitgespoeld: bij allen was de ondanks de aanwezigheid van krill aan het oppervlak nog leeg. Dat stemt op zich overeen met de gedachte dat ze vooral vis eten, maar dan blijft de vraag, hoe en wanneer die vis naar de oppervlakte komt? In de diepere netten van collega's zit wel geregeld wat vis van de soorten die we uit vogelmagen kennen. In een poging uit te zoeken wanneer die vis naar de oppervlakte komt, gaan we nu op verschillende nachtlijke tijdstippen vissen. Ik schrijf dit stukje van de nieuwsbrief in afwachting van een middernachtelijke poging, en een paar uur later doen we een trek aan het eind van de duisternis. Het werk gaat nu dus echt rond de klok, met uiteraard gebrekkige nachtrust en vermoeidheid. Maar in deze paar weken moet gebeuren waar we al zo lang voor aan het werk zijn, dus dat is het waard. Michiel en André werken zich iedere dag een slag in de rondte aan allerlei reparaties en creatieve aanpassingen aan het net. De beschadigde wielas is inmiddels vervangen en de ijsflap gerepareerd. Voor we weer het ijs ingaan moeten nieuwe of gerepareerde reserve onderdelen klaarliggen. We missen Koos, omdat André nu weinig gelegenheid heeft om Hauke te helpen in het lab. Hauke wordt steeds meer een nachtmens omdat hij na iedere avondvangst tot in de vroege uurtjes bezig is met het identificeren en uitzoeken van de monsters. Gelukkig krijgt hij hulp van een Belgische collega, Anton van de Putte, die geinteresseerd is in, zoals hij dat zo mooi zegt "stalen" van jonge vis. Ikzelf probeer naast de net-operaties in het duister, om bij daglicht de vogeltellingen bij te houden.De route van de Polarstern

Halverwege

We naderen op dit moment het noordelijkste station (64° Zuid) van de tweede poot van ons grid. Daarna varen we dus twee graad verder naar het oosten (naar 2° West) om dan weer zover mogelijk richting Antarctisch continent te varen, richting ijs en kou. Het is nu weliswaar nog steeds zo'n min acht graden Celcius, maar wij allen hebben ons verbaasd hoe "warm" dat kan aanvoelen na de minus 18°C eerder in het ijs. Bij de vrijwel constant aanwezige wind ligt de zogenaamde chill-factor op tussen de -30° tot -40°C. Maar wees gerust: alle neuzen, vingers en tenen zitten er nog aan. En het leven aan boord is goed en plezierig. Expeditieleider ("Fahrtleiter) Uli Bathmann weet alles op een soepele en aangename manier te organiseren. Menig expeditieleider zou na onze diepzee-, stuiter- en verdere testen de Kampfwagen allang in de wilgen hebben gehangen, maar Uli steunt ons op alle mogelijke manieren, en staat ook bij iedere vispoging aan dek om mee te helpen. Ook de bemanning, aanvankelijk sceptisch over ons metalen monster, werkt vol enthousiasme mee. We beginnen dus vol goede moed aan de tweede helft van ons grid, jullie horen later meer van ons.


hartelijke groeten,

van Jan Andries,
en natuurlijk André, Michiel en Hauke.






Klik voor vergroting


naar begin
Brief 3   Bericht uit Antarctica
26 april 2004, MV Polarstern, 61°Z - 0°WKlik voor vergroting


MOE, MAAR TEVREDEN

De tijd vliegt voorbij. Kwam het vorige bericht van ongeveer halverwege onze vier noord-zuid transecten in de Lazarev Zee, inmiddels zijn we begonnen aan de lange tocht richting Kaapstad. Dat duurt nog wel eventjes (6 Mei aankomst Kaapstad) want het is een ontzettend eind varen, en onderweg zijn nog een aantal geochemische stations gepland.
Afgelopen nacht (25 april) hebben we met enige weemoed voor het laatst het SUIT net binnengehaald. Weemoed omdat het allemaal zo kort lijkt, en we eigenlijk nog zo veel meer hadden willen vissen, vooral in het ijs. Aan de andere kant is het misschien wel goed zo, want zowel de Kampfwagen als wijzelf begonnen vermoeidheids-verschijnselen te vertonen. Zware stormdagen zorgen normaal voor zo af en toe wat rust tussendoor. Maar die hebben we in ons onderzoeksgebied niet gehad. We hebben zelfs extra stukjes kunnen plakken aan het derde en vierde transect van ons grid.

Bijna routine

Klik voor vergroting Sinds de vorige brief hebben we op twaalf nachtelijke stations de Kampfwagen in de strijd gegooid. Vier daarvan waren in ijsgebieden, maar de strenge leerschool van de eerste serie ijsstations had goed gewerkt. Door goed met het extra kabelgewicht (verzwaard tot ca 900 kg) te "spelen" verliep het ijsvissen vrijwel vlekkeloos. Het frame schoot telkens zonder problemen onder het ijs waar we dan 'trekken' van ongeveer twintig minuten maakten. Waar het ijs niet erg dik was, kon je het flitslicht in het nachtelijk duister volgen. Klik voor vergrotingVoor anderen is het misschien niet goed te begrijpen, maar voor ons waren dat bijna lyrische ervaringen. Als je samen zo lang en intensief hebt gewerkt aan een idee dat door bijna alle vakgenoten als ondoenlijk gekkenwerk wordt beschouwd, maar het lukt dan toch, dan is intense tevredenheid op zijn plaats! Het komt ook wat makkelijker thuis bij de geldschieters (Nederlands AntArctisch Programma NAAP en LNV) als je kan rapporteren dat het vele belastinggeld op een succesvolle manier te water is gelaten. En vandaar dat gevoel dat we nog zouden willen doorgaan. Want in het jonge recent gevormde zee-ijs was de biologie duidelijk nog niet tot ontwikkeling gekomen, en de vangsten onder het ijs waren gering. Ongekend lage tellingen van zeevogels en zeezoogdieren vooraf aan iedere vispoging lieten al zien dat in deze fase onder het ijs weinig te eten is te vinden. Op rijkere ijssituaties zullen we moeten wachten tot de volgende expeditie waarop het SUIT net kan worden ingezet (vermoedelijk medio 2006).

Mega-vangst 1

Klik voor vergroting Rijk ijs, maar in de verkeerde zin van het woord, kwamen we wel tegen bij onze vangst helemaal onder aan de derde poot van ons grid. In een snerpend koude nacht, het was -20°C, was het net bijna routinematig uitgezet en maakten we een keurige trek onder het ijs. Helaas bleken we te hebben gevist in zogenaamd 'super-cooled' water waarin de temperatuur ook op diepte al tot onder het vriespunt (ca -1.85°C) is gezakt. Daarin ontstaan, al dan niet geholpen door trillingen van het net, kleine vlakke ijskristallen ("platelet-ice"). Terwijl we een keurig schone vangst verwachtten, verscheen bij het binnenhalen achter het schip een gigantisch opgebold net, helemaal vol met platelet ijs. De vele tonnen ijsgruis konden niet aan dek worden gehesen. Kabels knapten en het sluitwerk vloog over dek (toch nuttig die veiligheidshelmen!). Pas nadat door opensnijden van een stuk net een hoop ijs was weggespoeld, kregen we het zaakje aan dek. Een mega berg aan ijs, met daarin slechts een minimale hoeveelheid krill larven! Klik voor vergroting

Mega-vangst 2

Vooral bij de meer noordelijke stations van ons grid in open water vingen we geregeld flinke hoeveelheden krill en ander zooplankton. Maar aan de vooravond van André's verjaardag was het jackpot! Tot ieders verbijstering kwam het net boven met zo'n 30 kg krill. Een ongekend rijke vangst, het net puilde uit en Michiel moest de buit in grote Gamma kuipen met een palletwagen afvoeren. Ondanks het late uur liep het halve schip uit om dit voortijdig verjaardags-cadeau voor André te bewonderen. Daartussen drentelde Hauke, half gelukzalig, half in paniek heen en weer. Onze lab materialen en procedures zijn niet echt op dat soort hoeveelheden berekend! Maar van dat soort problemen willen we er wel meer tegenkomen!
Toen we even later op het middernachtelijk uur een drankje namen op André's 45ste verjaardag, hebben we met groot genoegen zitten luisteren naar de gesprekken tussen andere expeditie-gangers. De laatste twijfelaars over het nut van ons werk waren nu duidelijk om. De Kampfwagen liet duidelijk zien wat voor belangrijke dingen er gebeuren in de bovenlaag van de oceaan. In de standaard onderzoeks methodes wordt deze paar meter water gemakshalve "vergeten". Er ontsponnen zich verhitte discussies over wat de traditionele schattingen van krillbestanden waard zijn als je niet hebt gemeten wat er zich in die bovenlaag afspeelt? Heerlijk, om dat aan te kaarten is SUIT gebouwd. We kunnen tevreden naar huis!

Dutch night in Zillertal

Hiep hiep hoera! André's verjaardag op vrijdag 23 april mocht ondanks het drukke werk natuurlijk niet ongemerkt voorbij gaan. André viert zijn verjaardag altijd al op een boot, maar een ijsbreker is toch een nieuwe ervaring. Normaal mag de bar op Polarstern, het Zillertal, drie keer per week open (dinsdag, donderdag, zaterdag). Maar kapitein Uwe Pahl stond ons vanwege de bijzonder gelegenheid toe om de tent nu op vrijdag open te gooien voor een 'Dutch' evening. Een vat bier, een megapan oranje mandarijnen-bowl en heerlijke door de koks bereide hapjes hielden de gasten lang vast. Pas tegen vier uur lagen we te bed. André met pijnlijke handen van het in ontvangst nemen van de vele felicitaties en het veelvuldig klinken met drankjes.

Vermoeid

De Kampfwagen heeft het op deze tocht zwaar te verduren gehad. Na het geweld in het ijs besloten we dat we ook op ruige zee er gewoon vol tegenaan konden gaan. Dus ondanks meters hoge golven gewoon met vier knopen snelheid ertegen in varen. Aan de kracht waarmee het trawlkabelblok af en toe scheef wordt getrokken, kun je zien wat voor enorme krachten dat op het frame los moet laten. Een "muur van water" wordt dan wel een heel letterlijk begrip.
Geleidelijk aan is de bij de diepzeeduik en de in het ijs begonnen schade meer mee gaan spelen. Drijvers zijn lek, en de spruitkant van het frame buigt het vermoeide metaal steeds een beetje verder uit. Door dat alles bleef het net tijdens de twee laatste vistrekken niet de hele tijd netjes aan het oppervlak. Blijkbaar vind hij het zo langzamerhand wel voldoende. Klik voor vergroting
Ook wij zijn een beetje metaalmoe. We hebben de afgelopen drie weken hard moeten werken. Een normale nacht slaap hebben we vrijwel niet gehad. Zelfs André, die het beste tegen slaapgebrek lijkt te kunnen, moet zo af en toe op een vergeten uurtje wat rust bijspijkeren. Michiel is het duidelijkst voorspelbaar in zijn gedrag: die wordt steeds drukker en luider naarmate het tijdstip van instorten en een noodzakelijk extra bed-uurtje nadert. Hauke en ik zijn meer van het Zombie-type dat zo nu en dan wezenloos rondwaart. Hauke is met afstand kampioen hazeslaapjes. Zijn beste was toen we aan dek stonden te wachten tot ons net uitgezet kon worden. Staande, en met zijn behelmde hoofd stuiterend tegen een stalen deur stond Hauke daar een dutje te doen. Wel een efficiënte methode, maar voor de gemiddelde mens niet echt comfortabel. Voor mens en materiaal is het dus misschien wel goed dat we niet langer door mogen gaan en richting Zuid Afrika stomen.


Tussen al het Kampfwagen geweld is de aandacht voor het werk aan vogels en tellingen wat in het gedrang gekomen. Misschien daarover een volgende keer meer. Tot dan, en de heel hartelijke groeten van

Jan Andries, en natuurlijk Michiel, Hauke en André


naar begin
Brief 4   logo Globec 2004 Bericht uit KaapstadKlik voor vergroting
6-8 mei 2004, MV Polarstern, 33°Z - 12°E


Einde ANT-XXI-4, begin ANT-XXI-5

Vanmorgen heeft Polarstern aangelegd aan Duncan Docks in Cape Town. Binnen in het schip is het haast angstig stil, buiten heerst bedrijvigheid. Het laden van verfblikken en het lossen van oude olieresten hoort erbij. Meer aandacht trokken het lossen van de aanzienlijke hoeveelheid lege biervaten en het aan boord takelen van een vooraad oude houten meubels. Het einde van de SO-GLOBEC reis "ANT-XXI-4" is een feit. Veel van de passagiers zijn al vertrokken om vanmiddag of vanavond het vliegtuig te pakken. Het plotseling verbrokkelen van zo'n hechte scheeps-gemeenschap laat altijd een wat verward gevoel achter. Dus is het goed de draad weer op te pikken met een afsluitend schrijven over de Antarctische belevenissen. De avonturen met de Kampfwagen zijn inmiddels wel bekend: nu dus wat meer over de andere zaken.

Tellingen

Klik voor vergroting In ons onderzoeksgrid, en de op heen- en terugweg, hebben we zoveel mogelijk tellingen van zeevogels en zeezoogdieren verricht. Door alle spektakel rond ons ijsnet, zou bijna worden vergeten dat het project zich richt op Antarctische toppredatoren (de 'rovers' bovenaan de voedselketen). De opbouw van de voedselketens waar die toppredatoren van afhankelijk zijn, en dan vooral de verschillen tussen ijsgebieden en open water, vormen de kern van ons onderzoek. Eerdere waarnemingen doen vermoeden dat vooral het zeeijs een productieve voedselketen heeft die cruciaal is voor het dierenleven rond Antarctica. Uit tellingen van toppredatoren kun je berekenen wat hun gezamelijke dagelijkse voedsel/energie-behoefte per km2 is in de verschillende gebieden. Onderzoek aan maaginhouden of uitwerpselen moet ons leren met welke prooisoorten in die voedselbehoefte wordt voorzien (krill, vis, inktvis, of……). En het SUIT-net moet ons leren welke prooisoorten en in wat voor hoeveelheden nabij het wateroppervlak beschikbaar zijn. Tenslotte, stapsgewijs verder naar beneden in de voedselpyramide kijkend, zullen we met maagonderzoek van de in het net gevangen dieren proberen vast te stellen welk voedsel zij tot zich hadden genomen.
     De tellingen van deze tocht moeten nog worden uitgewerkt, maar duidelijk is dat ons onderzoeksgebied in deze Antarctische herfst weinig te bieden had aan vogels en zeezoogdieren. In ouder zeeijs zijn vaak flinke aantallen zeehonden, pinguins, stormvogels en kleine walvissen te zien. Klik voor vergrotingMaar het zuidelijk deel van ons grid in de Lazarev Zee was in dit jaargetij bedekt met een dunne maar bijna gesloten laag van jong zeeijs, veelal slechts enkele dagen oud. Slechts een enkele Keizerspinguin of Sneeuwstormvogel waagde in deze ijswoestijn. Alleen richting ijsrand waren spaarzaam plekken te vinden met hogere aantallen toppredatoren. Wel volgens verwachting was dat ook het open water ten noorden van het ijs niet erg rijk aan dieren was. Hier waren alleen groepen Antarctische Stormvogels en opmerkelijk ook de Sneeuw-stormvogels aanwezig die normaal bij het ijs rondhangen. Alleen in het noordoosten van het onderzoeksgrid troffen we rijkere open water situaties aan met veel stormvogels, flinke groepen Kinbandpinguins en geregeld walvissen, voornamelijk Bultruggen. Deze plaatselijke rijkdom hangt vermoedelijk samen met het feit dat in dat gebied een hoge onderzee-berg (Maud Rise) wervelingen in de diepere zeestromen veroorzaakt die voedselrijk water naar het zeeoppervlak duwen.
     SUITnet-vangsten en vogeltellingen stemmen met elkaar overeen in de zin dat dicht onder het ijs vrijwel niets eetbaars gevangen werd, en dat onze grote vangsten zich concentreerden in het het open water in het noordoosten van het grid. Het onderzoek heeft dus laten zien dat als er géén voedsel direct onder het ijs zit, dat er dan ook géén vogels en zeezoogdieren zijn. Indirect past dat wel bij onze aanname dat véél toppredatoren bij zeeijs op véél voedsel en een productieve keten onder het ijs zouden wijzen, maar dan zullen we in de toekomst dat soort situaties dan ook met tellingen en vistrekken moeten bemonsteren. Hopelijk biedt de volgende GLOBEC cruise, in midwinter 2006 (onze zomer 2006) daartoe kansen. Tussendoor gaat Hauke nog op een zomertocht mee diep in het pakijs waar Polarstern zich dan 8 weken in een grote ijsschots zal laten meedrijven. Het gebruikelijke type vogeltellingen en de Kampfwagen kunnen op zo'n permanent stilligend schip niet worden toegepast, maar we werken aan fuiknetten die Hauke onder het ijs zou kunnen uitzetten. Koos is op Texel al druk bezig met de uitrusting voor die expeditie.Klik voor vergroting
     Tijdens de systematische tellingen vanaf het varende schip heb je geen tijd om rustig van de aanwezige dieren te genieten. Tien knopen (ca 18.5 km/uur) vaarsnelheid geeft niet echt veel tijd. Bovendien moet je het hele telgebied zorgvuldig in de gaten houden, en kun je je niet permitteren lang te genieten van een mooi plaatje door de verrekijker. Dat 'genieten' kan slechts als het schip op stations stil ligt en de dieren naar jou toekomen. Wat dat betreft hebben we deze reis ontzettend geluk gehad. Een dag lang, op één van de stations in het rijke noordoosten van ons grid, hebben vier Bultruggen spelend en roepend rond het schip gehangen. Grote groepen Kinband-pinguins volgden de walvissen even nieuwsgierig als wij, vrolijk als dolfijnen door het water springend. Mazzel voor de 'nieuwkomers' als Michiel en André: op vele eerdere tochten heb ik nog nooit zo'n mooi en uitgebreid walvis-schouwspel mogen genieten.

Braken voor de wetenschap

Voedselonderzoek aan vogels op open zee valt niet mee. Zie ze maar eens te vangen! "Gelukkig" zijn sommige vogels zo "dom" om in het duister, verward door de lichten van het schip, op het dek te landen. Klik voor vergrotingEen aantal van dat soort vogels, vooral Antarctische Stormvogels, hebben André en ik tijdens denachtelijke uurtjes gevangen. Na een aantal metingen voor het bepalen van de sexe en conditie hebben we het voedsel uit de magen van de vogels gehaald. Dat kan door met een handpompje via een dun plastic slangetje water in de maag van de vogels te pompen totdat ze -begrijpelijk- braakneigingen krijgen waarmee de hele maaginhoud naar buiten komt. Het is natuurlijk niet leuk voor de vogel om eerst van schrik uit de lucht vallen en dan ook nog je eten kwijt raken. Maar het klinkt misschien wat erger dan het in werkelijkheid is: uit het eerdere werk met 'bekende' (geringde) broedvogels in studiekolonies weet ik dat de dieren, behalve een tijdelijk beledigd ego, geen schade van zo'n maagspoeling ondervinden. En als goedmakertje, we laten ze daarna van boord vliegen. Uit zichzelf zijn ze te bang om dat "zwarte gat" vanaf het schip in te springen en zijn veroordeeld tot een nacht lang op dek wachten totdat ze zelf bij daglicht durven te vertrekken, als ze al op een plekje zitten vanwaar afvliegen mogelijk is. Hoewel beperkt in aantal, toonden de maaginhouden dat de vogels niet altijd het meest voor de hand liggende voedsel pakken. Naast sommige magen vol krill bleken anderen vis, inktvis en kwalresten te bevatten. In de SUIT vangsten zat bijna alleen maar krill, en slechts sporadisch vis en inktvis.

Ontspanning

Na de lange vermoeiende periode van dag- plus nachtwerk in het onderzoeksgrid sloeg de ontspanning toe bij velen op de terugreis naar Kaapstad. Er is dan nog best het nodige werk te verzetten met inpakken en opruimen, data-analyses en cruise-reports, vracht- en douanelijsten. Maar tussendoor is er tijd voor feesten: een barbeque op het dek met dansfeest in het vrachtruim, een 'Latino-dance-night' en een 'Hamburg-night' in de Zillertal-bar, en tussendoor allerlei borrels en minifeestjes her en der op het schip. Klik voor vergrotingVoor de meevliegende albatrossen moet het nachtelijk gerammel met alcoholisch glaswerk een vertrouwd geluid zijn geworden. Op de laatste avond voor Kaapstad was het warm genoeg dat allen zich buiten op het helidek verzamelden met alle resten alcoholische dranken. Ook in een geluidsinstallie was voorzien. De ruige gitaarsnerpen van Jimmie Hendrix wegstervend over de verre golven en de zee verlicht door een heldere volle maan gaven de juiste atmosfeer voor dit afscheidsfeestje.
     Voor de echte maan-liefhebbers, vooral degenen die de maan als emotionele communicatie-satelliet gebruiken met de geliefden thuis, was de nacht daarvoor een hoogtepunt. Hoog boven het schip voltrok zich in een paar uur tijd een volledige maansverduistering. Vreemd hoe een verdwijnend lichtbolletje aan de nachtelijke hemel, en het daarna weer langzaam terugkeren van het schijnsel, op gevoelens kunnen inwerken. Velen zochten een eigen donker hoekje op het bovendek om in stilte deze gebeurtenis mee te maken.

Tot slot

Het is inmiddels al 8 mei als ik deze brief afrond. André, Michiel en Hauke landen op dit moment op Schiphol. Ruben Fijn, mijn maatje op de terugreis naar Bremerhaven, is inmiddels aan boord. Gisteren hebben we, net als voor vertrek naar Antarctica, weer een foto gemaakt bij Kaap de Goede Hoop, als een symbolische start voor een geslaagde reis. Ruben en ik zullen op de terugweg de standaard vogel- en zoogdiertellingen voortzetten. Op die manier kan ik rap tempo gegevens verzamelen die een vergelijking mogelijk maken tussen verschillende klimaatszones. Daarmee denk ik een beter begrip te ontwikkelen voor hoe de zaken in Antarctica in elkaar zitten, en waarin dat bijzonder is ten opzichte van ecosystemen in andere zeegebieden. Daarnaast is het een gewoon een plezierige manier van naar huis terugkeren. Even lekker opwarmen en tijd om gegevensverwerking van de expeditie op een rijtje te zetten. Dat kan geen kwaad, want de ervaring leert dat anders de aandacht volledig wordt opgeslurpt door de vele zaken die zich thuis hebben opgehoopt. Ruben en ik hebben er zin in. We zullen proberen het thuisfront weer op de hoogte te houden van ons wel en wee.
Klik voor vergroting Klik voor vergroting

heel hartelijke groeten van

Jan Andries,
     voor het laatst van Michiel, Hauke en André,
           en voor het eerst van Ruben.


naar begin
Brief 5   Klik voor vergrotingAtlantische Oceaan
16 mei 2004, MV Polarstern, 5°Z - 12°W


Schroeiend naar de evenaar

We zijn nu ruim een week op weg met ANT-XXI-5 vanaf Kaapstad richting het noorden, eindbestemming Bremerhaven. Hoogste tijd voor een teken van leven van Polarstern naar het thuisfront.
Als "even lekker opwarmen" beschreef ik deze tocht in de vorige brief. Na de 20 graden vorst van Antarctica neigt je wereldbeeld toch een beetje te vertekenen. Het lekker opwarmen slaat een beetje door, want we naderen de evenaar. We komen in de buurt van het derde onderzoeksstation, de derde rode cirkel nabij de pijlpunt in de kaart hiernaast. Water- en luchttemperatuur zitten beide boven de 27°C en de zon schroeit overdag onbarmhartig op onze telposten. Klik voor vergroting Er staat weliswaar een lekker zeewindje, maar helaas, die waait met ons mee zodat het op de 14 knopen stomende Polarstern praktisch windstil is. Met kleren aan is het niet uit te houden. Maar om derdegraads verbranding van onze blanke winterhuid te vermijden, vereist dat ingewikkelde schaduw-constructies met de regenkappen van de telposten . Ruben en ik lossen elkaar om de anderhalf à twee uur af om verkoeling te zoeken in de airconditioned ingewanden van het schip.

"Eingedeutscht"

Op deze terugreis van Polarstern zit er maar een klein aantal onderzoekers aan boord. Twaalf om precies te zijn. Onderweg worden metingen gedaan aan kooldioxide-uitwisseling tussen atmosfeer en oceaan, sporengassen gemeten in de atmosfeer, en er zijn een zestal "diepzee- stations" waarop apparatuur meer dan vijf kilometer richting zeebodem gaat om water en bodemmonsters te nemen. De bagger van de zeebodem wordt onderzocht op microben en vervuilende stoffen die zich via diepzeestromen tussen noordelijk en zuidelijk halfrond kunnen verspreiden. Tussen de volledig Duitse groep 'Wissenschaftler' en 'Besatzung' vormen de twee 'Holländische Vogel-Beobachter' natuurlijk een niet te onkennen minderheid. Normaal is de voertaal onder onderzoekers op Polarstern Engels, en worden mededelingen over de omroepinstallatie zowel in Duits als Engels gedaan. Maar al kort na afvaart kwam de kapitein naar ons toe om te vragen of we bezwaar hadden te worden "eingedeutscht". Dan hoefden boordmededelingen en bijeenkomsten alleen nog maar in het Duits te worden gedaan. Omdat zowel Ruben als ik op een redelijk niveau met steenkolen-Duits uit de voeten kunnen, hadden we geen bezwaar. Sindsdien wordt tot opluchting van menigeen aan boord, ook de wetenschappers, alleen nog maar Duits gesproken. We zijn volledig eingedeutscht.

Holländischer Schnapps

Klik voor vergroting Om toch nog even onze nationale geursporen uit te zetten, hebben we op de eerste Zillertal-avond de barkeepers-dienst op ons genomen, en de gelegenheid te baat genomen voor het uitschenken van onze flessen Jenever en Juttertje. Het Kampfwagen-team van de vorige reis had een vijftal flessen van deze nationale alcoholica paraat als dank voor alle hulp bij het succes van ons onder-ijs-net. Tussen het party-geweld dat het einde van ANT XXI-4 kenmerkte, hadden we echter geen geschikte avond voor deze borrel kunnen vinden. Vandaar dat het was bewaard voor de reis vanaf Kaapstad. De Holländischer Schnapps werd aanvankelijk voorzichtig genipt, maar in de loop der avond kreeg men de smaak uitbundig te pakken en werd de voorraad vlot weggewerkt. Menig bemanningslid kijkt reeds dorstig uit naar de volgende reis waarop we meevaren. En eindeloos werd me op het hart gedrukt om de Kampfwagengroep per email voor het lekkers te bedanken (inmiddels gebeurd).

Blij met PET?

Klik voor vergroting Omdat Ruben geen last van zeeziekte bleek te hebben, en ik mijn zeebenen gelukkig nog had, hebben we vanaf de eerste dag tellingen verricht vanuit onze telposten boven op het dak van de brug (het 'Peildeck'). De eerste twee dagen waren nog een beetje zoals ik gewend was, met bijv. geregeld albatrossen (Shy-, Yellow-nosed, en Black-browed), de onafscheidelijk volgende Witkinstormvogels, wat prions en Kaapse Genten. Maar al snel werd het stiller en stiller. Onze telformulieren werden pagina na pagina gevuld met iedere keer "NUL" voor de opeenvolgende 10-minuuts telperiodes, als aanduiding dat er geen enkele vogel, zelfs geen scheepsvolger te zien was geweest. Nu zijn NUL-waarnemingen vanuit het onderzoek gezien even waardevol als lange lijsten vol met waarnemingen, maar zeker voor Ruben zou wat onderhoudender telwerk leuker zijn. Hoe ernstig het met ons gesteld was, moge blijken uit het feit dat we beiden verheugd reageerden op een langsdrijvende plastic PET-fles. We tellen immers ook zwerfvuil op deze tocht, dus dat betekende een welkome onderbreking van de lange lijst met NUL-waarnemingen. Ik verfoei die eenmalige plastic flessen. Je komt die kutdingen (excusez le mot; maar ik word er wat pissig van) over de godganse wereld tegen, of je nou langs de snelweg, in een Texels natuurgebied of midden op de oceaan zit. Maar met deze ene fles waren we blij, héél eventjes tenminste.
Klik voor vergroting Gelukkig is het sindsdien geleidelijk weer wat drukker aan het worden. We zien bijna dagelijks wel tandwalvissen, bijv. Potvissen die na een lange en diepe duik puffend en blazend aan het oppervlak liggen om zuurstof bij te tanken. En langzaam aan zien we ook weer wat meer vogels, zoals Grote- en Kuhls- Pijlstormvogels en Sooty en Fairy Terns. Ruben was vanmiddag in de wolken met een Fregatvogel. Geleidelijk aan komt er dus wat meer zout in de pap, en we gaan nog steeds met plezier naar boven, ondanks schroeiende zon en zo nu en dan een kabaal van jewelste. Broer Pieter zal het zich nog wel herinneren van de reis vanaf Punta Arenas. Het mooie weer tijdens de Atlantische oversteek wordt op Polarstern gebruikt om voortvarend het schilderwerk ter hand te nemen. Maar dat betekent dat eerst met klophamers en schuurmachines de roestplekken te lijf worden gegaan. Van voor- tot achterschip geven de matrozen met hun ratelende of gierende apparatuur een oorverdovend heavy-metal concert weg. Ze hameren en schuren dat het een lieve lust is, want gelukkig hebben zij wel gehoorbeschermers op. Wij kijken uit naar de volgende fase: geruisloze kwasten en verfrollers zijn de onvermijdelijke stille kroon op het werk.

Relaxed druk

De terugreis gebruik ik ook om de zuidpoolgegevens tot een zeker niveau van eerste uitwerking te krijgen. Dat betekent onder andere alle eigen data-invoer in de computer op orde brengen en de gegevens van het schip (posities, vaarsnelheden, weersomstandigheden etc.) toevoegen. Dat laatste is, net als altijd, nogal een gevecht, omdat het een gecompliceerde database is, waarin helaas nog wel eens wat foutjes sluipen. De system-operator aan boord was blij met mijn eerste melding van een klaarblijkelijk foutje in de software van de PODAS-database. Maar nu begint hij toch wat zorgelijk te kijken als ik weer binnenkom met een probleemgeval. Toch komt geleidelijk aan de zaak op orde. Daarnaast moet er het nodige geregeld worden voor douane en vrachtzaken in Bremerhaven.
Klik voor vergroting
"promotie"-foto voor zwerfvuil-projecten:
een Kaapse Duif die de peuk van een filtersigaret uit het water pikt
Ook begin ik weer wat dingetjes op te pakken die Ingrid en Michaela op het werk, of Yvonne thuis tot dusverre voor me hebben geregeld, maar waar ik weer in moet komen om straks niet onder alles begraven te worden. Het email-verkeer met de rest van de wereld stijgt. En tussendoor het bewerken van digitale foto's. Dat is promotie-materiaal voor mijn projecten, maar daarnaast ook gewoon leuk. De periodes dat Ruben telt, en de avonden lopen op die manier probleemloos vol met werkzaamheden. Gelukkig doet Ruben (gewend aan vroeg opstaan voor zwemtraining) de tellingen bij zonsopgang voor het ontbijt, zodat ik 's avonds wat langer door kan gaan. Hotel Polarstern is een goede plek om op een relaxte manier toch druk aan het werk te zijn. Je hebt een gerieflijke hut, die wordt schoongehouden door de stewardesses. Mijn natje en droogje wordt voortreffelijk verzorgd. De kok van Polarstern lijkt nog niet door te hebben dat er inmiddels wat minder mensen aan boord zijn, want de tafels staan nog even vol met overvloedig en heerlijk eten als tijdens de Antarctische tocht. Kortom, we houden het de resterende twee-en-halve week hier nog wel uit.

een hartelijke groet,

van Jan Andries en Ruben


naar begin
Brief 6   Klik voor vergrotingAtlantische Oceaan
20 mei 2004, MV Polarstern, 8°N - 24°W


Equator-doop

De vorige nieuwsbrief is nog maar kort geleden, maar ik moet toch maar even schrijven. Anders zijn we al ver naar het noorden, koelt het weer af en smaken onze belevenissen een beetje als oude koek. Bovendien is vandaag mijn zus Jannie jarig, dus die kan ik dan direct even feliciteren. Eergisteren (18 Mei) zijn we de evenaar overgestoken, maar niet zonder slag of stoot.

De evenaar en de beide poolcirkels zijn in scheepstraditie grenzen die niet zonder meer gepasseerd kunnen worden. Wij verderfelijke landwormen worden door de zeegod Neptunus niet zonder meer in het volgende deel van zijn waterrijk toegelaten. Wie voor het eerst één van deze grenzen passeert, dient uitgebreid op zijn -zeer nederige- plaats te worden gewezen, en alleen wie dat accepteert wordt onder een nieuwe naam gedoopt en mag verder reizen. Neptunus laat nog wel eens verstek gaan. Zo bleef de poolcirkel-passage tijdens GLOBEC 'illegaal' en ben ik tijdens mijn eerste equator-passage samen met broer Pieter in 2001 er ook in stilte doorheen geslopen. Maar dit keer moesten Ruben, ik en een tiental andere aardwormen er toch aan geloven. Kort voor het bereiken van de evenaar werden wij allen naar het 'natte lab' gesommeerd om daar in gepaste stilte ons lot af te wachten.

Eén voor één werden we opgehaald door een ruig beschilderde en met knuppel uitgeruste NP ('Neptune Polizist') en naar het werkdek geleid. Daar stond de Pastor van Neptunus gereed voor de eerste fase van de doop. Dopelingen moeten eerbiedig knielen op een scherpgerand wasbord. Terwijl de NP scheppen ijs in je hemd gooit, leest de Pastor een rijm voor waarin men zijn nieuwe naam ontvangt. Met schrijnende knieen en ijs in je nek valt het niet mee het rijm te volgen, maar het is wel zaak om je nieuwe naam goed te onthouden voor later. De nieuwe doopnaam werd bezegeld met heilig zeewater vanaf een zwiepende pleeborstel. Vervolgens moest een zwemvest aan en werden we via de touwladder in een klaarliggende rubberboot gestuurd.

Ruben FIJN         "Fregatvogel"Klik voor vergroting

Von Sonne auf bis zu Sonne unter
steht der Ruben, immer munter,
hoch auf Polarstern in seinem Vogelhaus
und guckt die ganze Zeit scharf hinaus
um alle Tiere des Meeres zu zählen
weil in den Daten darf keiner fehlen.

Der Adler des Meeres, Fregata aquila
stellt ein gleiches Verhalten da
von hoch in der Luft wird durch ihn registriert,
was da unten zwischen den Wellen passiert.
Deshalb soll der Name von Ruben Fijn
nach dieser äquator-Taufe
                 FREGATVOGEL sein.


Nadat alle twaalf dopelingen aldus waren behandeld werden we heengezonden om peddelend de evenaar over te steken. De vanuit onze telposten zo kalm lijkende zee blijkt dan ineens toch nog wel golven van zo'n anderhalve meter te hebben. Neptunus heeft ergens wel gelijk. Wij landrotten passen hier niet echt. Op zo'n grote ijsbreker voel je je heel wat, Klik voor vergrotingmaar in zo'n rubberdopje met een paar peddels zou je het niet lang uithouden, zelfs als de natuur op zijn vriendelijkst is. Maar het is wel mooi. Ook voor een kleine rubberboot spuiten de vliegende vissen om je heen uit het water en fladdert een stormvogeltje even door je golfdal.
Na geruime tijd richting noorden peddelen, verschenen Neptunus en zijn schone vrouwe Thetis in een gemotoriseerde rubberboot om die vieze aardlingen eens flink te bespotten. Het daadwerkelijk peddelend oversteken van de evenaar werd door Polarstern op de radar gevolgd, en met loeiende scheepshoorn bevestigd. Na een uurtje peddelen nam Neptunus ons het laatste stukje op sleeptouw terug naar het schip.


Terwijl Neptunus en echtgenote aan boord gingen, moesten de dopelingen in de nu aangelijnde boot lijdzaam het welkom van de oudgedienden ondergaan. Dit hartelijk ritueel bestond uit een regen van eieren, afgewisseld met condooms gevuld met liters vies gekleurde vloeistof, en tenslotte véél zeewater uit de slangen van het dek. Pogingen om eieren (te hard) of vloeistofcondooms (te zacht) voor het uiteenspatten op te vangen waren zelden succesvol. Bovendien lokte ieder naar dek teruggeworpen object een spervuur van nieuwe munitie van de andere kant uit. Men moet immers wel zijn plaats weten.

Als in ranja verzopen katten mochten we vervolgens weer één voor één de touwladder op voor het laatste deel van het ritueel. Neptunus, Thetis en de kapitein zaten de dopelingen reeds op te wachten. Als men zich zijn nieuwe naam wist te herinneren, wilde Neptunus wel de hand over het hart strijken en je tot zijn rijk toelaten. Mààr, uiteraard niet, voordat je de voeten van zijn schone Thetis had gekust. Deze waren voor de gelegenheid ingesmeerd met een vieze groene drab. En terwijl de onvermijdelijke kus dan toch werd gegeven, sloeg Thetis welwillend een ei stuk op het hoofd van de aanbidder. Tegelijkertijd smeerde de NP bakken vol van een braaksel-substantie over je hele lijf. De kok moet daarop zijn best hebben gedaan. Herkenbaar waren wat Italiaanse deegwaren, maar de verdere kleur, zuurgraad en stank waren niet te onderscheiden van originele kots. Niet ontoepasselijk voor landrotten die het deinende rijk van Neptunus betreden.Klik voor vergroting

Jan Andries van Franeker             "Petrel"

Tough, wise and mellow,
Jan is an original fellow,
with sun on his face and rain in his neck
Jan is watching predators on the observation deck.
He is counting birds and flying fishes very quick,
How does he manage that, has he a trick?
In Neptuns empire
                "PETREL" will be your baptized name
As you may know that's all part of the game.




Gelukkig was daarmee het ritueel beeindigd en wachtten de verlossende dekslangen om de ergste drab van de kleding en stank uit neus, ogen en oren te spuiten. Als laatste taak restte ons het schoonvegen van het dek. In de hutten bleek dat de zo noodzakelijke zeep en shampoo waren verstopt, maar nadat ook deze hobbel was genomen, mogen wij onszelf als volwaardige equator-reizigers beschouwen.

Het geachte thuisfront zal zich misschien afvragen of wij tussen al deze folklore door nog wel eens wat zinnigs doen. Jazeker is het antwoord. Van zon op tot zon onder, op het moment zo'n 12 uur per dag, bemannen we vrijwel continu de telposten boven op het schip om levende en niet-levende have in het rijk van Neptunus zo goed als mogelijk in kaart te brengen. Tezamen met de tijd achter de computer levert dat werkdagen op die mijn baas vast niet wil betalen. Het buitenwerk is in deze tropische regionen vaak niet echt aangenaam, en de meeste uren ook ontzettend saai. Maar dan ineens gebeurt er wel weer iets wat het allemaal weer goed maakt. Gisteravond bijvoorbeel weer ineens een groep Clymene's Dolfijnen vlak bij het schip. Clymene's horen bij de zogenaamde 'Spinners' en ze maakten die naam uitbundig waar. Klik voor vergrotingUit puur leefgenot (althans zo komt dat op mij over) maken ze vele meters hoge sprongen, terwijl ze rap om hun as tollen en dan maken ze tegelijkertijd soms ook nog een dubbele salto. En dat met tientallen tegelijk en dicht opeen. Onvoorstelbaar, je raakt er zelf van in een jubelstemming die je zou willen uitschreeuwen. En gedoopt of niet, je beseft dat je in vergelijking met dat soort super-schepsels in dit milieu niet meer dan een incapabele aardwurm bent en blijft. Helaas -of misschien wel goed- had ik geen camera bij de hand. Ik kan de Clymene's alleen uit een minder spectaculaire ontmoeting laten zien.

Hoewel, ook dit gewone sprongetje doet zelfs Ruben, zéér geoefend zwemmer, het dier niet na.

Tot zover weer de berichten uit het -steeds minder verre- zuiden,

een hartelijke groet,

van Jan Andries en Ruben


naar begin
Brief 7   Klik voor vergrotingAtlantische Oceaan
29 mei 2004, MV Polarstern, 44°N - 9°W


Laatste bericht

Vandaag passeerden we Cap Finistere, het noordwestelijk puntje van Spanje. Hier aan de zuidkant van de Golf van Biskaje kan het aardig spoken. Het speurwerk dat mijn vader verrichtte naar de stamlijn van de 'van Franekers' leidde onder andere langs archieven die wisten te vertellen dat één van mijn verre grootvaders hier zijn zeemansgraf had gevonden. Wees gerust, wij hebben geen land met verradelijke rotspunten gezien. De zee vertoont weliswaar de lange deining van een verre storm, maar hier schijnt de zon. Een zwak windje veroorzaakt niet meer dan rimpeltjes op het wateroppervlak. Een eerste Jan van Gent signaleert dat we nu toch echt in de buurt van huis komen. Tijd voor een snel laatste bericht.

Computerwerk

Klik voor vergroting De tijd glipt me door de vingers heen. De dagen lengen en daarmee ook de waarnemings-uren op het dak van het schip. Dat betekent minder tijd voor het noodzakelijke computerwerk. De afgelopen week heb ik hard zitten timmeren aan de database voor alle waarnemingen. Want pas als die goed in elkaar zit en alle gegevens bevat, kan ik de noodzakelijke analyses maken voor het schrijven van het zogenaamde 'cruise-report' van de Antarctische trip. Iedere Polarstern-reis wordt afgesloten met een artikeltje voor het tijdschrift 'Berichte zur Polarforschung'. En dan moet er ook nog van de huidige Atlantische passage een schrijven komen. Géén erg zware artikelen, dat kan ook niet direct aan het eind van de reis, maar er moet toch ook niet alleen maar wat bla-bla in staan. Bij het aanmaken en invullen van de database bleek helaas dat de gegevens van de scheepscomputer nogal wat fouten bevat. Zaken als vaarsnelheid, positie, water-temperatuur e.d. zijn allemaal cruciaal voor mijn analyse-werk. Steeds als ik dacht de zaak op orde te hebben ontdekte ik daarin fouten, die telkens weer het controleren van de volledige databestanden vereist. Nou ja, nu lijkt het in ieder geval voor de Zuidpoolgegevens op orde en kan ik weer verder. Helaas (maar niet heus) word ik tijdens de daglichtperiodes in toenemende mate gestoord door Ruben. Als hij weer eens wat boeiends ziet langskomen en dat mij via de handradio's meldt, 'moet' ik weer naar buiten spurten. Computerwerk kan ik thuis ook nog doen, maar de zee en zijn moois kan ik niet mee naar huis nemen.

Zeezoogdieren

Klik voor vergroting Boeiend is het zeker op zee. Qua zeevogels is het nog altijd armoe troef, maar de troost is verre van schraal. De zeezoogdieren laten zich op deze reis van hun beste kant zien. Walvissen en de ene groep dolfijnen na de andere schreeuwen om onze aandacht, en die krijgen ze. Vooral vandaag, langs de onzichtbare Cap Finistere was het een komen en gaan van dolfijnen. Op de plaatjes staan Gewone en Gestreepte Dolfijnen. Of zij even blij waren met de Orca's als wij valt te betwijfelen. Gisteren was het vooral 'Vinvis'-dag. De hoogopgaande strakke blaaswolken van deze ca. 20m grote waterreuzen trokken telkens de aandacht. Soms wat verder weg, maar soms ook dicht bij het schip en dan konden we ze goed bekijken. De dagen daar weer voor, werden geregeld opgesierd met Potvissen. Klik voor vergrotingTussen al het zoogdiergeweld door ook nog andere leuke dingen. Rond Madeira bijvoorbeeld flinke aantallen zeeschildpadden (Caretta). En ten noorden daarvan geregeld Maanvissen die als afgedankte tractorwielen op hun zij op apegapen aan de oppervlakte dobberen. Joost mag weten wat daar nou de lol van is. En vanmorgen werd ik opgeschrikt door een prehistorisch zeemonster: een reusachtige Zwaardvis die rustig onder het oppervlak naar de langsstomende Polarstern lag te kijken.

Qua vogels is het dus matig. Wel leuke soorten als bijvoorbeeld Bulwers Stormvogels en diverse soorten stormvogeltjes. Maar in aantallen stelt het eigenlijk niets voor. Op dit halfrond is het inderdaad broedseizoen zodat de volwassen vogels zich dichter bij de kolonies concentreren. Klik voor vergrotingMaar vrijwel alle zeevogels hebben grote populaties onvolwassen niet-broedvogels. Ik kan niet goed volgen waarom zich die niet ophouden in die dolfijn- en walvisgebieden waar blijkbaar uitbundig voedsel aanwezig is. Met onze tellingen registreren we alle verschillen goed, maar om te zeggen dat we de patronen 1-2-3 kunnen begrijpen, nog niet echt.

Zwerfvuil

Logo Save the North SeaWel goed verklaarbaar zijn de toenemende hoeveelheden zwerfvuil. Langs Cap Finistere liep een drukke scheepvaartroute. Met de vele schepen om ons heen nam de hoeveelheid afval zienderogen toe. Niet echt boeiend om afval te tellen, maar die gegevens zijn nuttig in de zwerfvuilprojecten waarin ik betrokken ben (zie www.savethenorthsea.com). De dolfijnen leken zich er overigens weinig van aan te trekken, noch van het intensieve scheepvaartverkeer, noch van het afval.

Aan boord heb ik vorige week een lezing gehouden over zwerfvuil en de effecten op allerlei dieren in zee. Hetzelfde verhaal dat ik namens 'Save the North Sea' op de milieucursus voor zeevarenden vertel, maar dan nu in het Duits. Dat leidde zo nu en dan tot wat haperen en stotteren. Dat krijg je als je wordt 'eingedeutscht', maar men kon het volgen. De lezing maakte wel indruk, en ik hoop een paar zeemans-zieltjes te hebben gewonnen die een volgende keer niet zo gauw meer afval overboord zetten. De 'Save the North Sea' petten die ik voor de gelegenheid had meegenomen, vonden gretig aftrek en dragen hopelijk de boodschap weer verder.


Het einde van de reis nadert. Labs uitruimen, kisten pakken, vrachtlijsten, douanepapieren, etc., het hoort er allemaal bij. Als voorbereiding voor de terugkeer naar de beschaving heb ik -de mij resterende- haren plus baard laten trimmen door Christina, één van de stewardesses. In ruil voor een originele Texel handdoek met Scholekster. Tot op de laatste zombie, zoals zij de aan tondeuse ontsnapte haartjes noemde, ben ik bijgewerkt. Ruben is druk druk druk, want hij wil geen vogel of zoogdier missen, en durft nauwelijks meer van het dak. Zijn schaarse vrije momenten besteedt hij nog wel eens in het zwembad. Voor zwemtraining kan dat nauwelijks de moeite zijn, want de baantjes zijn wel heel erg kort. Misschien dat Polarstern's vrouwelijk schoon in het zwembad of de aangrenzende fitness-ruimte lokt. Maar nooit voor lang, want de radio's reiken niet tot zo diep in het schip, en je weet maar nooit wat voor moois je dan buiten mist.

We zijn bijna klaar om te worden 'ausgedeutscht (?abgedeutscht?) en de gewone mensenwereld weer te betreden. Nog een paar daagjes. Tot dan.

een hartelijke groet,

van Jan Andries en Ruben


naar begin
Aankomst in Bremerhaven: 2 juni 2004. Jan is weer thuis.


Download de brieven van Jan
Brief 1   als word-file zonder plaatjes:
als word-file met plaatjes:
als pdf-file:
ANTXXI-4_JAFnieuws1txt.doc  (24 KB)
ANTXXI-4_JAFnieuws1.doc (100 KB)
ANTXXI-4_JAFnieuws1.pdf (137 KB)
Brief 2   als word-file zonder plaatjes:
als word-file met plaatjes:
als pdf-file:
ANTXXI-4_JAFnieuws2txt.doc  (30 KB)
ANTXXI-4_JAFnieuws2.doc (306 KB)
ANTXXI-4_JAFnieuws2.pdf (674 KB)
Brief 3   als word-file zonder plaatjes:
als word-file met plaatjes:
als pdf-file:
ANTXXI-4_JAFnieuws3txt.doc  (30 KB)
ANTXXI-4_JAFnieuws3.doc (390 KB)
ANTXXI-4_JAFnieuws3.pdf (362 KB)
Brief 4   als word-file zonder plaatjes:
als word-file met plaatjes:
als pdf-file:
ANTXXI-4_JAFnieuws4txt.doc  (17 KB)
ANTXXI-4_JAFnieuws4.doc (361 KB)
ANTXXI-4_JAFnieuws4.pdf (373 KB)
Brief 5   als word-file zonder plaatjes:
als word-file met plaatjes:
als pdf-file:
ANTXXI-5_JAFnieuws5txt.doc  (15 KB)
ANTXXI-5_JAFnieuws5.doc (218 KB)
ANTXXI-5_JAFnieuws5.pdf (418 KB)
Brief 6   als word-file zonder plaatjes:
als word-file met plaatjes:
als pdf-file:
ANTXXI-5_JAFnieuws6txt.doc  (19 KB)
ANTXXI-5_JAFnieuws6.doc (313 KB)
ANTXXI-5_JAFnieuws6.pdf (423 KB)
Brief 7   als word-file zonder plaatjes:
als word-file met plaatjes:
als pdf-file:
ANTXXI-5_JAFnieuws7txt.doc  (13 KB)
ANTXXI-5_JAFnieuws7.doc (307 KB)
ANTXXI-5_JAFnieuws7.pdf (544 KB)

naar begin - Home

Leuk dat je geweest bent. Heb je vragen of opmerkingen, mail me dan. Groet, Yvonne